Horen, zien, praten en zorgen

Beeldbellen maakt betere opvolging mogelijk

Onbekend maakt onbemind. Er bestaat nog steeds heel wat wantrouwen tegenover technologische innovaties in zorg en welzijn. Nochtans zijn er heel wat eHealth-initiatieven met potentieel. Elise Pattyn en Sarah De Coninck van de Arteveldehogeschool en UC Leuven Limburg onderzochten beeldbellen als onderdeel van een ‘blended’ traject, waarbij het beeldbellen een aanvulling – en geen alternatief – zijn voor persoonlijke contacten.

Een van de redenen waarom beeldbellen zo’n groot potentieel heeft, is dat er nauwelijks doelgroepen zijn die er geen baat bij kunnen hebben. Uit literatuur blijkt dat beeldbellen een positieve invloed kan hebben bij mensen met chronische pijn, stemmingsstoornissen of verslavingsproblematiek. Ook mensen met beperkte digitale vaardigheden kunnen beeldbellen. Het West-Vlaamse project ‘onlinebuurten’ toont dat 75-plussers, mits enige ondersteuning, er ook mee aan de slag kunnen. Eigenlijk komt enkel wie hulp weigert of een gevaar vormt voor zichzelf of voor anderen niet in aanmerking voor beeldbellen. 
Vaak is kostenreductie de achterliggende reden om met technologie aan de slag te gaan. Maar het gaat om zoveel meer dan dat. Kosten drukken kan een goed argument zijn voor onlinehulp vanuit het standpunt van de organisatie, maar dat zal hulpverleners en begeleiders nog niet overstag doen gaan. Een kleinschalige studie wees uit dat 42% van de hulpverleners onlinehulp minder efficiënt inschat dan persoonlijke hulpverlening. Toch kan beeldbellen een antwoord bieden op veel uitdagingen in de zorg: drempels verlagen, getrapte hulp bieden, meer continuïteit, meer vraaggestuurd werken, betere aanpak van langdurige en complexe problematieken… Bovendien is beeldbellen geschikt voor een netwerkaanpak.

 

Lagere drempel

Beeldbellen kan van thuis uit, wat praktisch is voor iemand die zich om welke reden dan ook moeilijk kan verplaatsen. Op sommige hulpvragen rust een taboe, maar met beeldbellen moet je niet bang zijn familie of vrienden tegen te komen op weg naar de psychotherapeut of het ocmw. Wie het moeilijk heeft om over zijn of haar gevoelens te praten, en daar thuis ook niet mee terechtkan, kan zo in alle discretie – zonder iets te moeten uitleggen aan partner of kinderen – toch contact opnemen met een psycholoog. De afstand in locatie kan de cliënt ook een veiliger gevoel geven. 
Beeldbellen biedt een comfortabele afstand in situaties waar er nog vertrouwen opgebouwd moet worden. Stap voor stap kunnen persoonlijke sessies geïntegreerd worden. Residentiële opnames kunnen uitgesteld of zelfs vermeden worden door meermaals contact te hebben, in een combinatie van persoonlijke contacten en beeldbellen. Bij suïciderisico is dat bijvoorbeeld zo. Gezondheidssituaties – zoals dagelijks bloeddruk of suikerspiegel meten – kunnen ook via beeldbellen gemonitord worden. Dit dagelijkse contactmoment kan bij ouderen die dreigen te vereenzamen ook gebruikt worden om te polsen naar hun stemming. Beeldbellen kan ook wachttijden overbruggen en/of een afronding vormen na persoonlijke sessies. Op die manier zorgt het voor meer continuïteit.
Vraaggestuurde zorg betekent ook ‘zijn waar je doelgroep is’ en de keuze aan de cliënt laten. In het geval van jeugdhulp betekent dat zeker ook online aanwezig zijn. Cliënten hebben ook het gevoel een actievere rol te spelen. Ze hebben een groter gevoel van controle, zowel fysiek als psychologisch. Iemand die een tijd in begeleiding is geweest bij het OCMW voor budgetbeheer wil na verloop van tijd geleidelijk aan weer meer verantwoordelijkheid nemen voor de eigen financiën. Omdat de stap om het volledig zelfstandig te doen dan soms nog net iets te groot is, kan die persoon afspreken met de begeleider om maandelijks te beeldbellen om even een stand van zaken te geven over hoe de zaken lopen. Door fysiek minder contact te hebben krijgt de cliënt wel het gevoel dat hij of zij sterker op eigen benen staat en het eigen huishouden runt. 
Sommige cliënten met een langdurige problematiek hebben het moeilijk om lang geëngageerd te blijven in hun hulpverleningstraject. Beeldbellen zorgt dan toch voor een regelmatige opvolging. Op die manier kan de therapietrouw gecontroleerd worden. In langdurige trajecten kan de frequentie van persoonlijk contact afnemen, maar kan er toch virtuele nabijheid geboden worden. 
Beeldbellen kan niet alleen hulpverleners en cliënten in contact met elkaar brengen, maar ook hulpverleners onderling. Bijvoorbeeld voor een overleg met de huisarts of voor een multidisciplinair overleg. Resultaat is een beter gecoördineerde zorg. Een tolk mee uitnodigen in het onlinegesprek kan soms een praktische oplossing bieden bij anderstaligen. Informele netwerken kunnen op deze manier gecontacteerd worden. Denk aan vrijwilligers, mantelzorgers, of gezinnen waar een kind of ouder opgenomen moet worden. 

Niet meer weg te denken? 

Is beeldbellen niet meer weg te denken uit zorg en welzijn? Dat zal de tijd moeten uitwijzen. Er is immers toch een aantal drempels die het gebruik van beeldbellen bemoeilijken. Wat als er een derde aanwezig is in de niet-zichtbare ruimte? Hoe geef je grenzen aan bij veelbellers? Hoe beperk je afleiding? 
Daarnaast moet er ook aandacht zijn voor privacy, wat maakt dat gratis tools zoals Skype en Facetime geen optie zijn. Tot slot kan een kosten-batenanalyse niet ontbreken. In die analyse moet niet enkel rekening gehouden worden met financiële aspecten, maar ook met factoren als tijdswinst en flexibiliteit. 

Meer materiaal over het project ‘Succesvol Implementeren van Beeldbellen in Ambulante hulp en zorg’ vind je via: https://elearning-onlinehulp.be/simba/

Tags
144

Reactie toevoegen