Prioriteit plezier

Jongeren op vrijwilligerskamp in zorgvoorzieningen

Bij Joka kunnen jongeren vanaf 16 jaar vrijwillig een weekje van hun vakantie doorbrengen in een voorziening voor mensen met een beperking of in een woonzorgcentrum. Vanaf 18 zijn ze ook welkom om activiteiten te helpen organiseren in centra voor asielzoekers of voorzieningen voor mensen met psychiatrische problemen. Elina, Mirthe, Kaat en Paulien zorgden in de paasvakantie voor plezier en vertier in centrum Ganspoel in Huldenberg.

Wanneer we centrum Ganspoel binnenstappen komt Elina vol energie op me afgelopen en stelt ze zich enthousiast voor. Van het viertal is zij de enige met ervaring in deze kampen en met haar 18 jaar is ze ook meteen de oudste van de bende. Voor de anderen is het de eerste keer. Elina schreef zich voor het eerst in toen haar papa haar een Joka-folder gaf. “Ik dacht: wat heb ik te verliezen? Het is maar vijf dagen. Als het tegenvalt, bijt ik wel even op mijn tanden en ga ik nooit meer terug. Dat is ondertussen twee jaar geleden, en elke vakantie heb ik wel een kamp gedaan. Je kan dus wel stellen dat ik dit echt leuk vind.”

Om een goede Joka-vrijwilliger te zijn moet je je kunnen inleven, respect tonen, je tijd nemen met de mensen bij wie je op kamp gaat, goed kunnen luisteren en tegelijk de privacy respecteren. Elina vult dit nog aan met een paar eigenschappen die volgens haar belangrijk zijn. “Je moet flexibel zijn en openstaan om iedereen bij de activiteiten te betrekken. Een activiteit verloopt nooit zoals je verwacht, dus je moet al doende bepaalde opdrachtjes kunnen aanpassen aan de deelnemers. Hier in Ganspoel zijn er veel kinderen met een visuele beperking, anderen hebben een vrij zware mentale beperking of een bepaalde graad van autisme. Sommigen kunnen niet aan alles deelnemen, maar zijn er wel graag bij: ze kijken en lachen dan. Wij zijn hier om hen eens uit de routine van elke dag te halen, om hen ook eens wat speciale vakantiespelletjes te bieden.”

Doe wat je wil

Het lijkt misschien niet evident om een week van je vakantie op te geven om vrijwilligerswerk te doen, maar Paulien ziet het alvast niet als ‘werken’. “Het zijn echt fijne activiteiten die we doen. Na een paar dagen kennen de kinderen ook je naam, en roepen ze je zodra ze je zien. Dat is fijn.” Elina apprecieert ook de vrijheid die ze hebben als vrijwilligers. Het plezier staat centraal, ze mogen geen verpleegkundige taken uitvoeren. “Wij zijn aan niets gebonden, hebben geen doelstellingen te halen. Willen de kinderen een bepaalde activiteit doen, dan doen we die gewoon als het haalbaar is. En als iemand ergens geen zin in heeft, mag die gewoon even toekijken of zoeken we een alternatief.”

“Als vrijwilliger brengen we de buitenwereld binnen in de voorziening, en vertellen we de verhalen van in de voorziening ook weer aan de buitenwereld.”

Alsof het organiseren van twee activiteiten per dag voor tientallen kinderen met een handicap nog niet genoeg is, kregen de vrijwilligers in hun kampweek ook nog een groep kleuters op bezoek. Ze deden een projectweek rond mensen met een beperking en namen ook een dag mee deel aan het kamp. Mirthe vond het prachtig om de kleintjes bezig te zien. “Twee van de kinderen hier in Ganspoel zijn volledig blind en de kleutertjes hebben de hele tijd hun hand vastgehouden en hen begeleid. Ze hadden misschien nog nooit iemand met een beperking ontmoet, dus op dat vlak was het wel nieuw voor hen. Maar we vinden het zeker een goed idee om kinderen vanaf jonge leeftijd te laten kennismaken met mensen met een beperking, zij maken immers ook deel uit van onze maatschappij.” Dit sluit mooi aan bij de missie van Joka. Daarin staat onder andere dat hun vrijwilligers de buitenwereld naar binnen brengen, en tegelijk de verhalen uit de voorzieningen naar buiten brengen.

Vliegende geiten op een ganzenbord

De kinderen druppelen stilaan de sporthal binnen waar de namiddagactiviteit plaatsvindt. De ene met een dikke bril, een andere met een looprekje, een derde in een rolstoel die door een begeleider wordt geduwd. Terwijl ze wachten tot iedereen er is, laten de vrijwilligers hen geluiden van dieren nabootsen: een varken, een koe en zelfs een vliegende geit, die op hilarische wijze en met veel plezier uitgebeeld wordt door Sven. Even later start het spel en na het gooien met de grote dobbelsteen worden de eerste opdrachten voorgelezen. De opdrachten worden à la minute op een creatieve manier aangepast aan degene die ze moet uitvoeren. De ene moet een liedje van K3 zingen, een andere moet een voorwerp herkennen door er aan te voelen, een derde groepje moet vijf seconden stilzitten als een standbeeld. Niet voor iedereen even makkelijk, maar iedereen doet vol enthousiasme mee.

Elina denkt al stilaan aan het einde van het kamp. “Vanavond bereiden we onze slotshow voor en de laatste dag maken we ook nog een aandenken voor de voorziening. Vorige keer maakten we een groot spandoek met verfafdrukken van de handen van alle deelnemers. Bij eentje lukte dat niet met de volle hand, maar een duimafdruk was een goed alternatief. Anderen hielden niet van verf op hun handen, maar iemand die het wel leuk vond heeft het dan in hun plaats gedaan. En zo zorgen we dat aan alles een mouw gepast wordt.”

www.jokaweb.be

Foto's
Jan Locus