welzijn & zorg

“Pleeggrootouder zijn is niet altijd makkelijk, maar we zouden het meteen opnieuw doen”

De essentie volgens Pascal Braeckman
23.05.2025
Foto's
Stephan Vanfleteren

Tv-kijkend Vlaanderen kent Pascal Braeckman als de klankman van Tom Waes. Sinds hij voor het programma Huis Gesmaakt camera’s binnenliet in zijn eigen huis, viel het sommigen op dat er kinderspullen in beeld kwamen. Zo werden Pascal en zijn vrouw ook bekend als pleeggrootouder.

“We zijn nu bijna drie jaar pleeggrootouders”, steekt Pascal Braeckman van wal. “De kinderen van mijn dochter – toen amper één en drie jaar oud – werden plots uit huis geplaatst. Wij werden gevraagd om voor hen te zorgen. De reis die we gepland hadden, hebben we toen last minute afgezegd. Er waren eerder al problemen geweest, en de kindjes waren al eens voor kortere periodes bij ons geweest, maar toen was het plots ‘voor echt’.”

Hebben ze als pleeggrootouders dan veel moeten aanpassen aan hun leven? “Bijna alles”, vertelt Pascal. “Mijn vrouw is gestopt met werken. Zo’n jonge kindjes: daar moet je voor thuis zijn. Een pleeggrootouder speelt ook een totaal andere rol. Voordien waren we grootouders, en bij grootouders gaat het om plezier en verwennerij, en daarna gaan de kleinkinderen terug naar de ouders. Maar nu kregen we plots opnieuw de rol van ouders toebedeeld. Dat betekent: structuur geven, regels opstellen, opvoeden. We moeten duidelijke lijnen trekken, wat niet altijd makkelijk is. Ook omdat we nog  andere kleinkinderen hebben. Dat gaat ons gelukkig goed af.”

Vroeger trok Pascal er geregeld op uit met zijn vrouw, een uitstap of een weekendje. “Dat is nu een pak minder evident”, merkt hij op. “Er zijn ook wel eens spanningen tussen ons, maar dat kunnen we goed plaatsen. Dat neemt niet weg dat het zwaar is. Gelukkig hebben we een weekend per maand hulp van co-pleegouders, namelijk mijn boekhouder en zijn vrouw. Hun dochter schiet heel goed op met onze kleinkinderen. Ze hebben aangeboden om een weekend per maand in te springen. Toen de kindjes voor het eerst een weekend bij hen waren, zijn we beiden een weekendje naar Oostende geweest. We hebben het hele weekend geslapen, zo moe waren we.”

“De oudste is een echt ‘babbelgat’, haar mondje staat niet stil. De jongste zoekt haar grenzen op, da’s ook niet altijd eenvoudig. Mijn vrouw vangt veel op, omdat ik veel weg ben voor mijn werk. Zij bepaalt de meeste regels, maar we trekken aan hetzelfde zeel. Ik volg dezelfde lijn. Dat lukt ons wel. We zijn al heel lang samen en we weten wat we aan mekaar hebben. We zijn streng, omdat we waarden willen meegeven. Kinderen worden ook gelukkig van een zekere structuur. Ze moeten weten wat wel en niet mag. Alles mogen is leuk voor even, maar niet voor altijd. We bewaken dat goed. Op school zeggen de leerkrachten dat ze twee gelukkige kinderen zien. Het CLB geeft ons ook complimenten dat we het goed doen. Da’s fijn om te horen.”

“Onze dochter mag haar kinderen om de twee weken twee uur zien, onder begeleiding van Pleegzorg of een buddy. We hopen dat ze ooit haar leven opnieuw op de rails krijgt zodat ze zelf voor haar kinderen kan zorgen. Gelukkig hebben we een heel fijne pleegzorgbegeleidster, die om de paar weken langskomt om te horen hoe het gaat. Het contact met onze dochter verloopt via haar, en dat vind ik goed. Het is een goed idee om er een buffer of poortwachter tussen te zetten, om het niet te emotioneel te laten verlopen. We zijn eigenlijk zomaar in deze situatie gerold, en we doen wat we denken wat het beste is. Eigenlijk ervaren we er weinig problemen mee. Het lijkt meestal vanzelf te gaan.”

Toestemming vragen

Er zijn wel bepaalde regels die gevolgd moeten worden in een pleegzorgsituatie. “Als we het kapsel van onze pleegkinderen willen veranderen, moet de mama daar toestemming voor geven. Ook als er een school gekozen wordt, moet dit uiteraard met de mama besproken worden. Als we naar het buitenland gaan, of zelfs gewoon naar de zee of op kamp in het binnenland, moeten we ook toestemming vragen. Maar ze maakt het ons niet moeilijk bij deze keuzes. Ik heb het zelf soms een beetje moeilijk met de afgelijnde regels, maar ik hou me eraan omdat ik weet dat het in het belang van de kinderen is.”

“Soms zijn er ook moeilijke momentjes, als ze mama nog eens gezien hebben. Dan stellen ze er wel vragen bij waarom ze niet bij mama wonen. We verzwijgen het niet, maar leggen dan uit hoe het zit. De oudste begrijpt het al redelijk goed. Om het half jaar zitten met we Jeugdzorg samen om te bekijken of er beterschap is in de situatie van de mama. Soms gaat het eventjes beter, maar dan is er plots een terugval. Voorlopig is er onvoldoende stabiliteit om de kinderen daar te laten opgroeien.”

Toekomstplannen

Voor ze pleeggrootouder werden, waren Pascal en zijn vrouw van plan om in de toekomst naar het buitenland te verhuizen. “Ik kan mijn geluidsstudio gerust meepakken naar het buitenland. Dat kan nu niet meer, omdat de kindjes om de twee weken hun mama zien. Waarschijnlijk zullen de kinderen verder bij ons opgroeien. Daar maken we ons wel wat zorgen over, want we zijn niet meer van de jongsten. Gaan we lang genoeg leven om hen te laten opgroeien? Of gaan ze binnen een paar jaar moeten verhuizen naar onze zoon die ook al aangeboden had om bij te springen als co-pleegouder? We hebben geen glazen bol. Misschien kunnen we wel lang genoeg voor hen zorgen, tot zij op een leeftijd zijn dat ze misschien een beetje mee voor ons kunnen zorgen als we ouder worden.”

Zouden we het opnieuw doen? “Ja, meteen. In een ideale wereld was het niet nodig, maar we beklagen het ons niet. Soms is het hard als de kindjes vragen: waarom heeft mama ons in de steek gelaten? We steken de waarheid niet weg, maar we spreken ook geen kwaad over haar. Misschien kunnen ze ooit nog terug, met ondersteuning van ons. Het is beter dat ze bij ons zijn dan bij iemand die ze niet kennen of in een voorziening. Ze hebben al een moeilijke periode gekend, dan is het beter bij iemand die ze kennen en vertrouwen. Ik hoop dat we een goed alternatief vormen en dat we lang genoeg leven om hen op weg te kunnen zetten in het leven.”