'Waarschijnlijk zal een bezoekregeling in sommige voorzieningen sneller kunnen dan in andere'

Karine Moykens over de taskforce voor zorgvoorzieningen

Karine Moykens zit sinds 8 april de taskforce voor die de coronacrisis in de Vlaamse zorgvoorzieningen moet bezweren. Wat werd er intussen allemaal gerealiseerd?

“De taskforce verzette afgelopen weken heel wat werk. Er werd een teststrategie ontwikkeld om de toestand in de woonzorgcentra en andere residentiële zorgvoorzieningen in kaart te brengen zodat we daar de juiste maatregelen aan kunnen koppelen”, vertelt Karine Moykens. “Begin april werd er vooral getest in voorzieningen met veel besmettingen. Maar omdat we vaststelden dat bij de bewoners met symptomen de helft niet besmet bleek en bij personeel zonder symptomen 1 op de 10 wél besmet was, wordt nu getest in voorzieningen waar er weinig tot geen besmettingen zouden zijn. Op die manier kunnen we besmet personeel dat geen symptomen vertoont snel opsporen en gericht inzetten bij bijvoorbeeld de zorg voor covid-besmette bewoners, waardoor verdere besmetting uitblijft.” 

Testen en verfijnen van registratie

Volgens Sciensano, het wetenschappelijk instituut dat de coronacijfers in ons land monitort, bleef het aantal woonzorgcentra met één of twee mogelijke of bevestigde gevallen van covid-19 sinds begin april relatief stabiel. De piek zou zich voorgedaan hebben rond 12 april, sindsdien zou er een daling zijn. Maar omdat Sciensano zich baseert op de cijfers die het krijgt via zelfrapportering van de woonzorgcentra, zijn die cijfers niet waterdicht. “Sciensano baseert zich op vermoedelijke cijfers, de 15.000 tests die we intussen afnamen in de woonzorgcentra geven een reëel beeld doordat we daarbij dus ook zicht kregen op bijvoorbeeld besmet personeel zonder symptomen”, zegt Karine Moykens. “En omdat de helft van de mensen in woonzorgcentra die symptomen vertonen niet besmet blijkt, denken we dat er de voorbije weken onterecht corona-overlijdens zijn doorgegeven. Daarom komen we nu met coördinerende en raadgevende artsen tot een verfijning van het registratieformulier bij overlijden.” 

“De taskforce zet zich in voor alle zorgsectoren, inclusief de thuiszorg” 

“Maar we zien de curve wel afvlakken, en dat is positief. De ambitie is om alle woonzorgcentra in drie weken tijd te testen. En ook de andere residentiële voorzieningen met kwetsbare bewoners, zoals de psychiatrische verzorgingstehuizen, de inloophuizen van de Centra Algemeen Welzijnswerk (CAW) of voorzieningen voor personen met een handicap, krijgen hun testen. Want het is niet omdat het in de media vooral over de woonzorgcentra gaat, dat er niets gebeurt in de andere voorzieningen. De taskforce zet zich in voor alle zorgsectoren, inclusief de thuiszorg”, benadrukt Karine Moykens.

Outbreaksupport en koppelen van noden aan hulpaanbod 

Voorzieningen die getroffen zijn, kunnen rekenen op outbreaksupport. Het team infectieziekten van het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid gaat waar nodig samen met de collega’s van Zorginspectie ter plaatse om voorzieningen bij te staan en zaken zoals cohortzorg (een vaste equipe zorgpersoneel staat exclusief in voor de zorg en ondersteuning van mensen besmet met corona, red.) in goede banen te leiden. Daarnaast verzorgt Zorginspectie ook de coördinatie bij de permanentie van de telefoonlijn voor artsen of zorgpersoneel met vragen.

De taskforce brengt ook de noden van residentiële zorgvoorzieningen in kaart en dispatcht ze vanuit één centraal systeem. Voorzieningen kunnen via een online registratiesysteem op elk moment aangeven of ze nood hebben aan medische, psychische of technische ondersteuning. Het kan ook gaan om extra personeel of ondersteuning bij het gebruik van materiaal of hulpmiddelen. “Er zijn heel wat initiatieven die zorgvoorzieningen willen ondersteunen, maar dat aanbod is versnipperd. We willen het aanbod van bijvoorbeeld ‘help de helpers’ sneller kunnen koppelen aan de vragen naar extra handen”, zegt Karine Moykens. 

Uitwerken voorstel bezoekregeling

De voorbije dagen ging de taskforce ook aan de slag om in overleg met de koepelorganisaties te bepalen waar een bezoekregeling kan uitgewerkt worden in residentiële voorzieningen. “We bekijken hoe de bezoekregeling weer kan worden opgestart in de woonzorgcentra en in andere voorzieningen, zoals de jeugdhulp, voorzieningen voor personen met een handicap, residentiële (woon-)zorgvormen en revalidatieziekenhuizen. We houden rekening met de gezondheid van de bewoners; we willen kwetsbare mensen beschermen en nieuwe besmettingen vermijden. Maar we houden ook rekening met het psychosociaal welbevinden van mensen”, legt Karine Moykens uit. “En daarnaast moet bezoek ook mogelijk zijn voor het personeel en de organisatie. Waarschijnlijk zal een bezoekregeling in sommige voorzieningen sneller kunnen dan in andere.” 

“We bekijken ook onder welke voorwaarden dat bezoek zou kunnen. Sowieso moet er de mogelijkheid zijn om steeds voldoende afstand te bewaren, en ook mondmaskers zullen nodig zijn. Er zal ook voorgesteld worden om het bezoek zoveel mogelijk buiten te ontvangen, in open lucht. We hopen snel met ons voorstel te kunnen landen.” 

Wat met de zorgsector? 

En wat denkt secretaris-generaal Karine Moykens van de zorgsector: gaan de helden van de zorg ook na de crisis nog als helden worden beschouwd? “De zorgsector wordt nu anders gepercipieerd en dat is goed, want de sector wordt gezien als een aantrekkelijke werkgever en zorgpersoneel krijgt nu de erkenning die het verdient”, meent Karine Moykens. “Het is belangrijk dat er na de crisis structureel ook iets verandert om die erkenning te vertalen naar middelen, naar een correcte verloning. Want de verloning wordt vaak gezien als een nadeel bij het kiezen voor een zorgjob en het personeel, de zorgsector, zal het niet aanvaarden als er na de crisis niet over de brug gekomen wordt. En extra handen aan het bed, dat wil iedereen.”