Persoonlijke netwerkversterking bij mensen in armoede

Sterk netwerk bevordert levenskwaliteit en komt opvoeding ten goede

Odisee Hogeschool onderzocht in opdracht van het Departement Welzijn, Volksgezondheid en Gezin modellen en kritische succesfactoren voor persoonlijke netwerkversterking bij mensen in armoede. Een steunend sociaal netwerk is een belangrijke beschermende factor die de levenskwaliteit en de opvoeding ten goede komt. 

Als ik wist dat ze [de buddy] ergens was, dan kwam ik daar ook voor naar buiten. Dat was genoeg voor mij om te weten dat er iemand was die ik kende, want ik zat in een stad waar ik niemand kende. En dat was al genoeg voor mij, oké, er is iemand die ik ken en dat deed me dan stappen zetten om naar buiten te komen (Deelnemer met armoede-ervaring).Studies tonen aan dat een sterk sociaal netwerk essentieel is voor een goede kwaliteit van leven. Onderzoek wijst evenwel uit dat mensen in armoede een groter risico lopen op een minder sterk sociaal netwerk. Wanneer mensen opgroeien in armoede zijn de kansen om duurzame relaties aan te knopen en te onderhouden, doorgaans beperkter. Om die reden zetten steeds meer maatschappelijke organisaties en sociale initiatieven in op verschillende methodieken van sociale netwerkversterking bij maatschappelijk kwetsbare groepen, en dus ook bij mensen in armoede. Dit onderzoek bracht deze verschillende netwerkversterkende methodieken en initiatieven in kaart en clusterde ze onder 7 werkmodellen.

Persoonlijk netwerk

Het eerste werkmodel ‘persoonlijke competentieversterking’ omvat cursussen en vormingen die - al dan niet digitaal - worden opgezet opdat mensen in armoede hun vaardigheden kunnen aanscherpen om zelf hun netwerk te versterken. Het tweede werkmodel, ‘persoonlijke vriend’, omvat methoden waarbij een vrijwillige sleutelfiguur ingeschakeld wordt om een persoon in armoede te ondersteunen (buddywerkingen). Onder ‘persoonlijk netwerk’ verstaan we methoden die een, door de persoon zelf gekozen, netwerk betrekken in de interventie. Vaak bestaat dit netwerk uit het natuurlijk netwerk, zoals vrienden en familie. ‘Lotgenotennetwerken’ zijn netwerken van mensen met een gedeelde of vergelijkbare levenservaring. Met het werkmodel ‘contextgericht werken’ verwijzen de onderzoekers naar methoden die vanuit de professionele hulp- en dienstverlening worden opgezet. Hier wordt niet enkel gewerkt met de betrokken persoon maar ook met zijn of haar omgeving. In ‘vrijwilligerswerkingen via organisatie’ wordt er via het decretaal ingebouwd vrijwilligerswerk al dan niet direct aan netwerkversterking gedaan. Netwerkversterking gebeurt ten slotte ook via ‘regiogerichte organisaties’. Hieronder plaatsen we werkingen die inzetten op sociale cohesie en netwerken binnen een specifieke regio of wijk, vaak ‘community building’ of ‘buurtwerk’ genoemd.

Wat werkt voor wie?

In de praktijk zijn zowel de verschillende werkmodellen als bijhorende methoden vaak verweven of worden ze complementair ingezet. Aan ervarings-, praktijk- en beleidsdeskundigen werd de vraag gesteld welke werkmodellen ze wilden meenemen in het verdere onderzoek. Deze deskundigen wensten geen filtering te maken in het overzicht. Elk werkmodel werd als zinvol ervaren aangezien een gevarieerd aanbod ook een gevarieerde doelgroep bereikt (‘what works for whom?’). Het onderzoek verzamelde vervolgens via focusgroepen en interviews bij 22 ervaringsdeskundigen en 11 professionals sterktes, zwaktes en randvoorwaarden per werkmodel. Telkens werd aangegeven wat mogelijke positieve en negatieve aspecten kunnen zijn, maar geen van de werkmodellen werd a priori beter bevonden dan het andere. Dit principe werd zelfs als belangrijke algemene randvoorwaarde voor persoonlijke netwerkversterking benoemd: een werkmodel is persoonlijk als de betrokkene dat zelf zo ervaart, en naargelang de behoeften, noden en verwachtingen werkt het ene model beter voor iemand dan het andere. Elk model op zich kan duurzame effecten teweegbrengen.

Een kritische succesfactor voor de inzet van netwerkversterkende modellen is de bekendheid en vertrouwdheid met deze modellen. Als we willen dat netwerkversterkingsinitiatieven succesvol zijn, moeten die initiatieven in eerste instantie bekend zijn in het werkveld. Verder onderschrijven de verschillende deskundigen het belang van structurele maatregelen om de positie van mensen in armoede ook op sociaal vlak te versterken. Vanuit de kwetsbaarheid van mensen in armoede en de vaststelling dat niet iedereen emotioneel of cognitief in staat is om een eigen persoonlijk netwerk op te bouwen, benadrukten de verschillende focusgroepen het belang van professionele, formele netwerken zoals de hulpverlening. Sociale professionals blijven een verzekering tegen onderbescherming, maar ook als een belangrijk middel tot ontmoeting en sociale cohesie.

Aandachtspunten

Bijzondere aandachtspunten zijn de digitale kloof die een impact heeft op de sociale relaties van mensen in armoede, gekleurde armoede, spanningen onderaan de maatschappelijke ladder en gentrificatie als bedreiging voor een goede sociale mix.

Ongeacht het statuut van de begeleider, werken netwerkversterkingsinitiatieven volgens de deelnemers het best als deze een krachtgerichte en professionele basishouding heeft. De deelnemers hechten veel belang aan een gelijkwaardige relatie tussen de begeleider en henzelf. Zowel de kwaliteit van de relatie met de beroepskracht of vrijwilliger als het vertrouwen in de methode is essentieel in netwerkversterkingsprocessen. 

Meer info over dit onderzoek op http://www.kcgezinswetenschappen.be/nl/nieuws/persoonlijke-netwerkverste...

 

Reactie toevoegen