'Over 30 jaar hebben wij dementie: welke zorg willen wij dan?'

Achter de schermen bij voorbeeldvoorzieningen

Om het referentiekader dementie naar de praktijk te vertalen gaan twee ziekenhuizen, twee woonzorgcentra en twee thuiszorgvoorzieningen er intensief mee aan de slag, onder begeleiding van het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen. Weliswaar ging op bezoek bij drie van deze voorzieningen. 

Ruimte voor hobby’s

In Het Portiek, een dagverzorgingscentrum dat verbonden is aan woonzorgcentrum De Korenbloem in Kortrijk en dat opvang biedt aan maximum acht personen met jongdementie, is niet direct duidelijk wie zorg verleent en wie zorg krijgt. Aan de grote tafel in de huiskamer wordt een boodschappenlijstje voorbereid, mensen maken zich klaar om naar de winkel te gaan. Het dagverzorgingscentrum is geen steriele zorgomgeving maar een gezellige woning. Personeel en bewoners proberen er zo gewoon mogelijk samen te leven. 
‘Onze bewoners zijn nog jong en mobiel, we willen meer rekening houden met hun hobby’s.’Het Portiek trekt sinds twee jaar de kaart van kleinschalig, genormaliseerd wonen en voldoet al aan heel wat aspecten van het referentiekader. Volgens Steph Decherf, coördinator en ergotherapeute, is er een goede visie, maar is er altijd nog ruimte voor verbetering. “Onze bewoners zijn nog jong en mobiel, we willen meer rekening houden met hun hobby’s. Als iemand bijvoorbeeld van zwemmen houdt, zouden we ervoor willen zorgen dat dat kan. In ons intakegesprek met nieuwe bewoners focussen we te veel op het medische. We willen ook te weten komen wat mensen thuis graag deden en wat ze hier nog willen doen”, zegt ze.


Daarnaast wil Het Portiek nog dichter bij mantelzorgers staan. “Mantelzorgers zijn vaak de spreekbuis van mensen met dementie” zegt Steph. “Niemand kent onze bewoners zo goed als zij. We willen ze nauw betrekken. Niet alleen bij de zorg, maar ook bij leuke momenten, zoals een barbecue. En als ze af en toe een dag mee willen komen naar de leefgroep, vormt dat voor ons een meerwaarde. Want hoe beter we elkaar kennen, hoe meer we zorg op maat kunnen bieden.”

Een living zoals thuis

Ook Lindelo in Lille wil dat mensen met dementie én hun mantelzorgers zich in het woonzorgcentrum thuisvoelen en dat er meer rekening wordt gehouden met de wensen van hun bewoners. Daarom leven de meer dan honderd bewoners in kleinere leefgroepen van vijftien personen. 
‘Een collega maakte de moestuin in zijn vrije tijd, maar personeel moet voor zo’n initiatieven ook ruimte krijgen.’Volgens Elke Keepers, referentiepersoon dementie, wil Lindelo ook soepeler omgaan met de indeling van de dag. “We houden nu wel rekening met wie vroeg of laat wil opstaan, maar verder ligt de dag grotendeels vast. Activiteiten gebeuren ook vooral in groep. We zouden bewoners die het willen zelf nog een aantal taken willen laten doen. Zo zijn er mensen die graag hun eigen kamer poetsen, of die het leuk vinden om de was te helpen plooien. We hebben ook een groentetuin, en het is de bedoeling dat we onze eigen groenten kweken. Een collega maakte die moestuin in zijn vrije tijd, maar personeel moet voor zo’n initiatieven ook ruimte krijgen”, vindt Elke. 


Daarnaast wil het woonzorgcentrum het interieur – waar al veel aandacht naar ging – nog gezelliger maken. “Het biedt nog te weinig uitdaging voor mensen met dementie”, meent kwaliteitscoördinator Linda Moonen. “In onze lange gangen moeten we meer herkenbare plekken voorzien en onze zit- en leeshoeken mogen knusser, met boekenkasten en spelletjes, zodat mensen ze ook echt gebruiken.” Ze wijst naar een living, waar de zetels in een grote kring staan. “Dat moet anders”, zegt ze. “Die ruimte is te clean. En thuis zit je ook niet in een kring, of wel (lacht)?” 

Oma Sok

Met de psycho-geriatrische afdeling Het Anker wil AZ Sint-Maarten in Mechelen zich profileren als dementievriendelijk ziekenhuis. Mensen met dementie komen er vooral terecht voor medische zorg. Net zoals in de andere voorzieningen, wil het personeel van Het Anker hun patiënten vooral beter leren kennen om goede zorg te kunnen bieden. “We zien regelmatig gedragsproblemen omdat patiënten met dementie angstig of boos kunnen zijn”, zegt dokter Catherine Van Dessel. “Als we weten wat hun ergernissen uitlokt, wat de agressors zijn en wat hen kan helpen om tot rust te komen, kunnen we op een niet-medicamenteuze manier tot oplossingen komen. Zo was hier eens iemand die rustig werd van Elvis-muziek. Zulke informatie, die misschien banaal lijkt, is voor ons heel belangrijk.”
‘Gedragsproblemen kunnen soms zonder medicatie opgelost worden als je iemand beter kent.’


Om zo’n informatie te verspreiden onder de artsen en het zorgpersoneel, wordt er een moodboard boven bedden gehangen. "Dat idee namen we over van UZ Gent, tijdens een werkveldbezoek. Welke job iemand deed, welke hobby’s hij had en hoeveel kleinkinderen er zijn, staat allemaal op het bord. Als een mevrouw bijvoorbeeld ‘oma Sok’ wordt genoemd door haar familie, kan het vertrouwen en rust geven als wij haar ook zo aanspreken”, vertelt Catherine Van Dessel. “In onze geriatrische afdeling kan er nog heel wat gebeuren. We willen de patiënt veel persoonlijker benaderen, en hen op een warme manier laten ondersteunen door hun familie. Onze samenleving kán op een andere manier omgaan met zijn ouderen, en dat willen wij alvast mee uitdragen.”

 

Foto's
Leo De Bock

Reactie toevoegen