
"Je moet niet elke gedachte vastpakken om te overdenken"
Sommigen kennen Ben Segers van humoristische rollen op tv, anderen zagen hem al in het theater. In 2026 gaat hij voor Te Gekt!? op tournee langs psychiatrische zorgcentra met de voorstelling ‘Eenzaam zonder mij’. Een verhaal over kwetsbaarheid die verandert in kracht, over vallen en weer opstaan, en over de helende rol van muziek, poëzie en verbondenheid.
Meer dan tien jaar geleden kwam Ben voor het eerst naar buiten met een getuigenis over zijn geestelijke gezondheid. “Ik merkte toen dat mensen dat apprecieerden”, aldus Ben. “Zonder dat ik mezelf echt als ‘vertegenwoordiger’ van cliënten in de geestelijke gezondheidszorg wil opwerpen, doe ik toch graag mijn verhaal, omdat mensen zich erdoor gesteund voelen. Ik wil mensen met psychische problemen laten zien: ik ben een van jullie. Ooit stond ik aan jullie kant, en worstelde ik ook met moeilijke periodes. Een paar keer ben ik over mijn grenzen gegaan, en ik ben ook eens kort opgenomen in psychiatrisch ziekenhuis Bethanië in Zoersel.”
Ben groeide op in een milieu waar niet over gevoelens gepraat werd. “Als je je niet goed voelde, moest je maar gewoon doordoen en het zou wel overgaan. Er werd niet over gebabbeld, zo ging dat vroeger. Ik sprak het niet uit als ik ergens over piekerde, en zo leerde ik het ook niet om erover te praten. Praten over je geestelijke gezondheid komt nu meer aan bod in de media, en dat is alleen maar goed.”
Met het gezegde ‘tijd brengt raad’ in het achterhoofd, kwam hij wel door die periodes heen. “Maar het duurde altijd wel lang”, vertelt Ben. “Alsof ik het moest uitzieken. Soms duurde het maanden of een half jaar eer ik een dip overwonnen had. Ik wilde ook niet dat mensen het aan mij zagen. Ik trainde mijn glimlach in de spiegel, zette een vrolijk masker op. ‘Iedereen moet erdoor, dus jij moet er dan ook maar door.’ Zo naïef dacht ik daarover. Het was intens, soms zelfs griezelig. Ik kon wel door met het dagelijks leven, maar het kostte me wel veel moeite. Het was een heel vermoeiende periode.”
Piekeren over kleine dingen
Ook op de toneelschool had hij het soms moeilijk, en was hij soms bang om buiten te gaan. “Daar moest ik me inderdaad echt voor opladen. Ik piekerde me suf over dingen waar ik niet over moest piekeren. Vaak over kleine dingen, en ik voelde mezelf minderwaardig. Ik durfde er niet over babbelen, uit angst over wat mensen over me zouden denken. Kleine dingen werden zo groter, alsof er geen grenzen meer aan waren. Ik was de hele tijd hard bezig met me sterk te houden.”
Zijn huwelijk ging eigenlijk redelijk vlot, maar toch voelde Ben zich niet altijd goed in zijn vel. “Dan ben ik naar een psychiater beginnen gaan en zijn we uiteindelijk toch gescheiden, in alle sereniteit. Dat was natuurlijk niet fijn, maar tegelijk voelde ik me toch ook goed. Alsof ik voor het eerst kon zeggen: ik heb eens geluisterd naar mezelf, naar wat ik nodig had. De periode na mijn scheiding had ik de ene week mijn kinderen, de andere week had ik herwonnen vrijheid, of zo voelde het toch aan voor mij. Maar ik kon er niet goed mee om, want ik had moeite met grenzen stellen. Niet dat ik zoveel dronk of andere foute dingen deed. Ergens voelde ik me wel goed, ik begon succes te krijgen als acteur, en ik dacht plots ook dat ik een hele goede schrijver was. Dan ging ik me erg focussen op schrijven, en zo ging ik toch op een of andere manier over mijn grenzen.”
Warme en lieve zorg
Op een bepaald moment raakte Ben op het randje van een psychose, in een periode waarin hij veel te weinig sliep. “Mijn lief heeft toen mijn vrienden ingelicht dat het niet goed met me ging, en zij hebben me naar het psychiatrisch ziekenhuis Bethanië gebracht”, vertelt Ben. “Ik werd er goed opgevangen. Ik wist niet goed wat er gebeurde, maar ik had niet het gevoel dat ik weerstand moest bieden. De mensen die er werkten waren allemaal heel warm en lief voor mij. De verpleger heeft me iets gegeven waarvan hij zei: nu ga je heel goed slapen. En dat was ook zo. ’s Morgens voelde ik me al een pak beter, na een verkwikkende nacht slaap. Je geest heeft ook voldoende slaap nodig om te recupereren en te verwerken. Ik piekerde heel veel, maar verwerkte die dingen niet.”
“Het lijkt nu alsof ik erover praat alsof ik alles in kannen en kruiken heb, maar dat is ook niet helemaal het geval”, verzekert Ben. “Ik ga nog altijd af en toe naar de psycholoog en ik neem ook medicatie. Ik ben blij dat dat bestaat. Met ouder te worden begin je jezelf beter te leren kennen. Je voelt het aankomen als een moeilijke periode zich aandient, en je weet elke keer beter hoe je er snel op kan reageren om het niet te erg te laten worden. Je herkent de signalen, en kan op tijd ingrijpen. Veel babbelen helpt me ook. In het begin weet je niet waar beginnen en is het ongestructureerd. Maar na een tijd helpt het om dingen te benoemen, gewoon luidop zeggen wat er in je hoofd zit Het moet eruit!”
Aanwezig zijn in het moment
Structuur doet Ben ook deugd. “Ik heb rust en slaap nodig, en rust in mijn hoofd.” Hoe zorgt hij nu dan voor die rust? “Stilte helpt. En durven in het hier en nu staan. Als er een boom staat, kijk dan naar die boom. Aanwezig zijn in het moment, in plaats van in je hoofd te blijven zitten. Je moet niet elke gedachte vastpakken en beginnen overdenken. Een gedachte is ook maar een gedachte. Laat het maar gaan. Lezen, wandelen en muziek maken helpen me ook. Maar het blijft niet simpel om je niet te ‘laten vangen’ in gedachten. Is niet iedereen wat kwetsbaar? De ene kan er wat beter mee overweg dan de andere.”
Meer evenwicht
Een jaar geleden is Ben gestopt met roken. “Eigenlijk had ik het niet gepland te stoppen. Maar op een ochtend besloot ik die sigaret niet op te steken. Ik had gedacht hulp nodig te hebben om te stoppen, maar ik bleek het zelf te kunnen.” Geen alcohol drinken lukt hem ook al meer dan vijf jaar, en vlot ook. “Nu moet ik er wel op letten dat ik nog wel het huis uit ga, want ik ben minder geneigd om naar feestjes te gaan. Als ik wel ga, dan merk ik dat een gesprek aan het begin van de avond anders verloopt dan later op de avond, als mensen wat meer gedronken hebben. De blik wordt wat glaziger, de gesprekken krijgen een andere toon. Dan weet ik: nu ben ik weg. Ik kon vroeger redelijk goed drinken. En soms kende ik ook geen maat. Maar ik kreeg er fysiek en mentaal ook meer last van.”
Ondertussen heeft hij meer evenwicht gevonden. “Ik weet wat er in mijn verleden ligt en heb daaruit geleerd, maar ik weet niet wat de toekomst nog brengt. Er zal nog wel eens iemand ziek worden, familieleden zullen sterven. Ik vraag me wel eens af hoe ik daarmee zal omgaan, welke impact dat gaat hebben. Af en toe zal er nog wel eens een storm opduiken waar we door moeten. Gelukkig blijft een mens altijd bijleren.”
>> ‘Eenzaam zonder mij’ speelt nog op drie data in februari en maart, en daarna opnieuw in het najaar vanaf september. Iedereen is ook welkom op de Open Geest-dagen in oktober. Voor meer info, tourdata en -locaties: www.tegek.be