Laagdrempelige jeugdhulp stijgt

Jaarverslag Jeugdhulp 2018

Uit het intersectorale jaarverslag jeugdhulp blijkt dat de laagdrempelige jeugdhulp, net als vorige jaren, een groter bereik kent. Het gaat om ambulante vormen als online en telefonisch advies, consult, thuisbegeleiding en dagopvang in verschillende sectoren. Bij sommige diensten zijn er stijgingen tot 11 procent. Bij de intensieve (residentiële) jeugdhulp blijft de druk op het aanbod groot.

Positieve methodieken

Het beleid zet sterk in om zo snel mogelijk en zo laagdrempelig mogelijk in te grijpen om escalatie  te vermijden. Met inzet van innovatieve en oplossingsgerichte methodieken, zoals positieve heroriëntering en Signs of Safety, worden de krachten van jongeren en hun gezinnen versterkt. Uithuisplaatsing wordt waar mogelijk vermeden, maar kan ook een nieuwe start betekenen waarbij ouders betrokken blijven. Bij een onverwachte crisis staat een netwerk van diensten klaar. Het beleid heeft in 2018 sterk ingezet op het actieplan Jongvolwassenen. Ook laagdrempelige jeugdhulp en zorggarantie voor jonge kinderen tussen 0 en 3 jaar stonden centraal. Die actiepunten komen in veel onderdelen van de jeugdhulp terug.


De registratie en analyse van cijfergegevens in de jeugdhulp wordt jaar na jaar kwalitatiever. Het blijft evenwel niet evident om heel complexe cijfergegevens uit verschillende databanken en uit verschillende sectoren met elkaar te koppelen om te kunnen vergelijken. Het project e-youth speelt daar op in, net als een longitudinaal onderzoek dat in een voorbereidende fase van start is gegaan in 2018. De komende jaren zullen we een nog beter en meer intersectoraal zicht  hebben op de jeugdhulp.

Enkele opmerkelijke cijfers uit het jaarverslag 2018: 

Pleegzorg stijgt opnieuw met 8 procent
Pleegzorg is, vooral bij jonge kinderen, de eerste optie als er beslist wordt tot een uithuisplaatsing. Het aantal pleegjongeren en volwassen pleeggasten steeg van 7.568 (in 2017) naar 8.163 (2018), een stijging met 8 procent. Sinds 2015 telt pleegzorg een stijging met 25 %. De afgelopen jaren steeg vooral de netwerkplaatsingen, dat zijn situaties waarbij de jongere in zijn eigen netwerk wordt opgevangen, bijvoorbeeld door een oom/tante of bij grootouders, die door de pleegzorgdiensten ondersteuning op maat krijgen. Pleegzorg is ook mogelijk gemaakt tot de leeftijd van 25 jaar.

Stijgend bereik van de laagdrempelige jeugdhulp:
Kinderen, jongeren en hun gezinnen maken steeds meer gebruik van de laagdrempelige, ambulante, jeugdhulp. Zoals ondersteuning aan huis, een consult bij een psycholoog een dagcentrum of professionele begeleiding voor een problematiek (bijv., spijbelen, agressie, gedragsstoornis, handicap). Dat is goed nieuws: de jeugdhulp komt steeds meer naar onze gezinnen toe en is uitdrukkelijk een beleidsoptie. Hoe vroeger je kan ingrijpen, hoe beter.
Het aantal unieke jongeren dat bijvoorbeeld in de klassieke jeugdzorg op die manier wordt geholpen is gestegen van 3.372 (in 2017) naar 3.622 (in 2018) – afgesloten dossier- met vooral meer begeleidingen bij positieve heroriëntering. Ook in de sector van personen met een handicap is de stijging opvallend: van 15.114 (in 2017) naar 16.791 (in 2018), een stijging met 11 procent.

Druk op intensieve jeugdhulp
De populariteit van de laagdrempelige jeugdhulp heeft ook een keerzijde: de druk op de intensieve jeugdhulp blijft hoog. Kwetsbare gezinnen die vroeger onder de radar van de hulpverleners bleven, komen nu dankzij een fijnmaziger netwerk van laagdrempelige jeugdhulp meer in beeld.  Het aantal jongeren met een nieuwe hulpvraag is gestegen met 3 procent tot 10.981 jongeren. De wachttijden variëren sterk per regio en per hulpvorm. Gemiddeld wordt 55 procent van de jongeren (waarvan hulp is opgestart) geholpen binnen de 3 maanden, 70 procent binnen de 6 maanden.
In totaal stonden eind 2018 5.600 jongeren op een wachtlijst voor intensieve jeugdhulp. Vorig jaar waren er dat 5.273, een stijging met 6 procent. Met die nuance dat ongeveer de helft van de wachtenden ondertussen wel een andere vorm van intensieve hulp krijgen of hebben gekregen, een stijging met 8 procent. Ook laagdrempelige jeugdhulp of een zorgbudget is mogelijk. 


Binnen de groep van ‘nieuwe’ wachtenden zijn er relatief meer jongvolwassenen. Ook hier zien we de neveneffecten van een verhoogde aandacht voor een doelgroep. Het aanbod (bijvoorbeeld contextbegeleiding autonoom wonen) is toegankelijker gemaakt tot de leeftijd van 25 jaar, met gevolg dat er meer beroep wordt op gedaan. 

Gerechtelijke jeugdhulp: aandeel verontrusting blijft hoog
Zoveel als mogelijk worden jongeren en hun gezinnen vrijwillig ondersteund. Indien dit toch niet lukt, kan de jeugdrechter worden ingeschakeld om de hulp gedwongen op te leggen. In tegenstelling tot een veelgehoord cliché gaat de gerechtelijke jeugdhulp in 87 procent van de gevallen over jongeren die zich in een verontrustende (leef)situatie (VOS) bevinden en slechts in 13 procent van de gevallen over jongeren die delicten plegen. Het aantal van die jongeren waarvan er zorgen zijn over de verdere ontwikkelingskansen, stijgt van 14.947 (in 17) naar 15.450 (in 18). Een stijging met 3 procent.
Opmerkelijke stijger in die groep zijn de 0 tot 3-jarigen die bij hoogdringendheid worden aangemeld bij de sociale diensten. Die maken in 2018 37 procent uit van alle vragen tot hoogdringende interventie. Het beleid zet ook hier extra op in om die meest kwetsbare doelgroep meteen te ondersteunen en gepaste zorg te garanderen  

Eén gezin, één plan
Katrien Verhegge, leidend ambtenaar van het nieuwe agentschap Opgroeien, concludeert: “Het stemt ons hoopvol dat de laagdrempelige jeugdhulp steeds meer bereik kent. Cruciaal hierbij zijn de laagdrempelige, innovatieve samenwerkingsverbanden over sectoren heen die sinds eind 2018 zijn opgestart om binnen de maand een antwoord te bieden op een eerste hulpvraag. Dit ‘1 gezin = 1 plan’  is nu uitgerold in 15 regio’s waarmee ongeveer de helft van Vlaanderen is ‘gedekt’. Het is de ambitie van de nieuwe Vlaamse regering om dit in de komende jaren voor heel Vlaanderen uit te rollen, waardoor de jeugdhulp verder kan evolueren naar vroegtijdig en ondersteunend.”

60 miljoen extra
De blijvende druk op de intensieve jeugdhulp baart wel zorgen. “De analyse is er, het is nu tijd om aanbevelingen om te zetten in nieuw beleid”, zegt Verhegge. “In verschillende werkgroepen en op studiedagen is er heel wat voorbereidend werk geleverd voor nodige innovatieve ingrepen. Van een betere en minder versnipperde diagnostiek tot een andere kijk op leefgroepen en jongeren met een complexe problematiek. Jongeren geven ook aan dat ze zoveel mogelijk als gewone jongeren jong willen zijn. Die ‘normalisering’ van de jeugdhulp willen we doortrekken. We moeten verder evolueren naar een warme, nabije en toegankelijke jeugdhulp. We verwelkomen graag het aangekondigd extra budget van 60 miljoen euro voor extra investeringen in diverse vormen van jeugdhulp.’

Het volledige jaarverslag vindt u op www.jaarverslagjeugdhulp.be

Foto's
Florian Van Eenoo

Reactie toevoegen