‘Jeugdhulp kan mee het verschil maken’
Als er over de jeugdrechtbank gesproken wordt, denken mensen aan jongeren die een misdrijf gepleegd hebben. Die komen het meest in de media. Veel vaker gaat het over kinderen en jongeren die uit een verontrustende thuissituatie komen, zoals Sydney.
Sydney (23) kwam rond haar zestiende voor het eerst op de radar van de jeugdrechter na een suïcidepoging. Ze had veel problemen thuis en op school, en ze kwam door plaatsgebrek in de jeugdpsychiatrie in de volwassenenpsychiatrie terecht. Het leidde tot een traject langs een onthaal-, observatie- en oriëntatiecentrum en verschillende gesloten gemeenschapsinstellingen.
Fier op verbetering
Voor het Canvas-programma mochten jeugdrechters één van ‘hun’ jongeren voordragen als getuige. “Als rechter Dams na vijf jaar nog aan mij denkt, kan ik toch geen nee zeggen?”, zegt Sydney glimlachend. Heeft de jeugdrechter een groot verschil gemaakt in haar leven? Ze twijfelt. “De jeugdrechter zegt altijd dat je zelf het verschil maakt, en dat is ook zo. Je moet het zelf doen. Ik heb zelf de klik gemaakt. Ik heb altijd contact gehouden met mijn jeugdrechter. Toen mijn dochter geboren werd, was hij een van de eersten die het wist. Hij heeft mij gekend in de ergste periode van mijn leven, en ik vind het fijn dat ik nu telkens verbetering kan laten zien. Daar ben ik fier op.”
Ze haalde na de moeilijkste periode nog haar diploma als kapster, kreeg ondertussen een kindje met de vriend met wie ze al vijf jaar een relatie heeft en werkte al die tijd in een kapsalon. Makkelijk was dat traject niet. “In die rebelse periode had ik wel moeite om alles te plaatsen. Ik probeerde telkens een nieuwe start te maken, maar werd dan weer ‘uit het leven’ gehaald en naar Mol of naar Beernem gestuurd. Op je achttiende moet je dan van de ene op de andere dag ‘volwassen’ zijn. Ik snap wel dat een jeugdrechter blij is als het goed gaat met een van ‘zijn’ jongeren. Het is motiverend om te zien als hun werk tot goede resultaten leidt.”
Verhaal brengen als ervaringsdeskundige
“Tegenwoordig kom ik steeds vaker op plekken waar ik als een soort expert of ervaringsdeskundige mijn verhaal mag brengen”, vertelt Sydney trots. “Dat is een rol waar ik me steeds beter in voel. Ik hoop dat ik zo mensen iets kan bijleren en mijn stem kan laten horen om de sector van de jeugdhulp te verbeteren. Het is niet omdat je nu in een instelling zit, dat het tien jaar later nog slecht met je moet gaan. Dat is de boodschap die ik wil brengen. Daar moet je wel zelf moeite voor doen. Je moet in jezelf geloven en een helder doel hebben. Ik heb samen met mijn jeugdrechter in een panelgesprek gezeten, en toen besefte ik: we zitten hier niet als rechter en jongere, maar als twee volwassenen die samen proberen verbetering te brengen in deze sector. Een consulente zei me na dat gesprek: ‘Bedankt om ons nog eens te laten zien waarom wij deze job doen.’”
Ook Brussels jeugdrechter Tine Suykerbuyk ervaart gelukkig dat haar job mee het verschil kan maken. “Ondanks alle moeilijkheden die gezinnen en jongeren ervaren, zie ik vaak toch mooie dingen gebeuren. Kinderen die ondanks een moeilijke thuissituatie toch goed opgroeien, thuis, in een voorziening of in een pleeggezin. Ouders die ondanks alles alsnog leren om goede ouders te zijn. Als we niet af en toe ook succesverhalen zouden zien, denk ik dat niemand deze job zou kunnen volhouden.”
Volgens jeugdrechter Tine leeft ook een misvatting dat bijna alle kinderen en jongeren bij de jeugdrechter uit huis geplaatst worden. “Ons arsenaal aan maatregelen is heel ruim. Soms volstaat een toezichtsmaatregel door de Sociale Dienst, die vanop een zekere afstand een oogje in het zeil houdt. Daarnaast bestaat de mogelijkheid van een contextbegeleiding aan huis, intensief of minder intensief, om actief aan de slag te gaan met de ouders en/of de kinderen.”
Zoveel mogelijk in de thuiscontext
Jeugdrechters proberen zoveel mogelijk om kinderen in hun thuiscontext te laten opgroeien met ondersteuning. Soms is dat helaas niet mogelijk. “Dat is altijd pijnlijk,” aldus jeugdrechter Tine, “maar ik durf het dan wel eens met een boutade stellen: liever thuis, maar soms is het gewoon beter elders. Ouders en kinderen van meer dan twaalf jaar oud worden altijd door de jeugdrechter gehoord. Het geeft hen de gelegenheid om ook hun mening te geven over de situatie en de maatregel die de jeugdrechter overweegt te nemen. Tegelijkertijd laat het de jeugdrechter toe om het kader van de jeugdrechtbank en de beweegredenen van bepaalde beslissingen te duiden.”
Ze hoort niet zo vaak meer iets van jongeren die ze onder haar hoede gehad heeft. “Ik denk dat dat te maken heeft met het feit dat zij dat moeilijk hoofdstuk willen afsluiten. Dat begrijp ik. Maar het programma betekende voor mij een heel fijn weerzien. Net als met vele andere jongeren, bewaar ik goede herinneringen aan de jongeren met wie ik het programma heb gemaakt. In het algemeen vraag ik me regelmatig af hoe een jongere het inmiddels stelt. Ik denk dat dat wel een belangrijke boodschap is die het programma ook wil brengen: jeugdhulp kan het verschil maken.”
Winst voor iedereen
“Als ouders zelf als kind lang geplaatst geweest zijn en er op hun beurt in slagen om via een contextbegeleiding wel zelf de zorg over hun kinderen op te nemen, dan vind ik dat persoonlijk een hele vooruitgang. Of als kinderen die jaren geplaatst geweest zijn, in hun volwassen leven helemaal geen hulpverlening nodig hebben. Vermits we de neiging hebben om veel zaken nog louter economisch te benaderen, zou ik durven zeggen dat jeugdhulp zich vaak later dubbel en dik terug verdient. Kinderen die je op weg kan helpen in het leven, en die dan uiteindelijk toch goed terechtkomen: dat is absoluut winst voor iedereen en op elk vlak.”
>> Mijn jeugdrechter, vanaf 27 maart op Canvas