De illusie van het multitasken

Een pleidooi voor meer slow thinking in een digitale wereld

Met het boek Ontketen je brein wil professor Theo Compernolle de strijd aangaan tegen onze slechte gewoontes op het werk én in onze vrije tijd. Door de vele technologieën rondom ons gebruiken we ons brein op een verkeerde manier. We zijn altijd verbonden, zweren bij het multitasken, hebben stress en soms zelfs een slaaptekort. 

Hij benadrukt dat hij zelf enthousiast is over onze prachtige nieuwe technologieën, maar tegen de verkeerde manier is waarop volwassenen en kinderen ze gebruiken, zonder rekening te houden met hoe ons brein werkt.

“Ons denkbrein kan niet multitasken”

Ons brein is ons krachtigste wapen en tot heel veel in staat. Maar het heeft ook zijn beperkingen. Om goed te begrijpen waarom we beter niet multitasken legt professor Compernolle uit hoe het werkt en op welke manier we informatie kunnen verwerken en onthouden. 

“Als mens onderscheiden we onszelf van andere wezens door de mogelijkheid om met ons denkend brein abstract te denken. We kunnen nadenken over dingen die we niet zien. Alles waar we over nadenken of wat we bijleren moet ergens gearchiveerd worden. Dat archiverend-brein doet zijn werk wanneer we niets aan het doen zijn. Af en toe moeten we dus even niets doen, om alles te kunnen onthouden.”

Professor Compernolle stelt dat multitasken een illusie is. We kunnen maar aan een ding tegelijk denken. Tijdens het multitasken word je steeds afgeleid. Daardoor duurt het afwerken van de verschillende taken langer,  krijg je meer stress en worden er bovendien meer fouten gemaakt. Professor Compernolle is hier zeer duidelijk over: “Multitasken, doe het niet!”

“Wanneer je aan het multitasken bent, ben je eigenlijk steeds tussen verschillende onderwerpen aan het schakelen. Je parkeert een bepaald onderwerp in je tijdelijk werkgeheugen en haalt een ander geparkeerd onderwerp naar boven. Aangezien je maar aan één ding tegelijk kan denken, moet je switchen tussen de verschillende taken en duurt de afwerking van de verschillende taken langer dan wanneer je je op een ervan concentreert.” 

“Je bent het niet gewoon vergeten, het is verdwenen in het zwarte gat van het multitasken”

“Je kan de info die je parkeert in je tijdelijke werkgeheugen niet voor eeuwig bijhouden, dus hoe meer dingen tegelijk je wil afwerken, hoe meer er verloren gaat. Multitasken duurt langer, is trager en slechter. Partiële aandacht is een illusie, het gaat steeds om gebroken aandacht. Wanneer je e-mails blijft lezen tijdens een vergadering ga je dingen missen. Je denkt te kunnen volgen, maar eigenlijk heb je het niet gehoord. Het brein vult gaten op door te raden.”

Mogelijk is er zelfs een link met de vele en nog steeds toenemende aantal burn-outs in de leeftijdsgroep van de 25- tot 35jarigen (in Nederland +50% in 7 jaar tijd). Door het multitasken en altijd verbonden zijn, werken mensen inefficiënt en dat werkt uitputtend.

“De technologie beheersen betekent dat je ze gebruikt om relevante info te delen en te verwerken, dan ben je baas over de technologie. Maar de commerciële markt zorgt er steeds meer voor dat je aandacht wordt vastgehouden door een continue stroom aan interessante maar irrelevante informatie. Dat werkt verslavend tot op het punt dat mensen nu al spreken van ‘spooktrillingen’: ze beelden zich in dat ze een bericht ontvangen hebben op hun smartphone. Het is belangrijk dat we leren omgaan met de technologie en relevante info opzoeken. Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen het consumeren via allerlei hippe toestellen in onze vrije tijd en het professioneel werken met technologie, zoals we dat bij voorkeur achter onze computer doen. “

Digital natives 

Niet alleen volwassenen, maar ook kinderen zitten al vast in de consumentenrol. Ze gaan slapen met hun telefoon op het nachtkastje en laten het geluid ‘s nachts opstaan, zodat ze zeker niets zouden missen. Al deze dingen leiden tot stress.

“Het is een mythe dat de zogenaamde digital natives, jongeren die met al deze technologie opgegroeid zijn, beter kunnen multitasken. Ze kunnen het zelfs slechter. Hyperverbonden zijn is niet gelijk aan de technologie op een efficiënte manier gebruiken en meerdere dingen tegelijk kunnen. Bij deze digital natives gaat het niet om wat ze met die mooie technologie doen, maar om wat ze door hun verkeerd gebruik niet meer doen. Er is kennis nodig om de juiste vragen te kunnen stellen en alle info te interpreteren. Om iets te kunnen zoeken moet er eerst kennis opgeslagen zijn in het langetermijngeheugen.”

Daarmee ontkracht de professor het idee dat je niets meer zou moeten leren omdat toch alles op het internet te vinden is. 

Maximum 45 minuten concentratie

Al deze technologische hulpmiddelen kunnen natuurlijk nuttig zijn als we ze op een juiste manier inzetten. Wanneer we technisch vaardig met ze omgaan kunnen we in plaats van consumeren, ermee leren.

“De oplossing is batch processing, tijd en werk indelen in blokken. Een dag op kantoor kan worden ingedeeld in blokken van 45 minuten. Je start met 45 minuten denkwerk, waarbij alle mogelijke stoorzenders uitgeschakeld worden, zodat je je kan focussen op die ene taak. Vooral inkomende mails kunnen zeker 45 minuten wachten. Het is dan ook aangeraden om je pop-up venstertje uit te schakelen, zo word je niet steeds afgeleid en is de verleiding er minder om te beginnen multitasken. Ik noem dat wel eens het antistressknopje. Het nieuwe werken is geen goeie evolutie voor onze concentratie als dat inhoudt dat we altijd verbonden zijn en ook nog ons werk moeten doen in een open kantoor. In open werkplekken is er nog meer dat ons afleidt van wat voor ons ligt.

Na intens denkwerk is het van belang om even pauze te nemen. Ons brein kan niet oneindig geconcentreerd bezig blijven. Vier keer per dag je mailbox bekijken in blokken van 45 min, afgewisseld met denkwerk en kleine klusjes, ook in een blok gebundeld, zorgt voor voldoende variatie en tijd voor je brein om info te verwerken.”

Theo Compernolle gaf een gedreven lezing op het TOL-congres in Brugge. TOL is de multidisciplinaire dienst voor taal- ontwikkelings- en leerstoornissen van kind tot volwassene en organiseert een tweejaarlijks congres. Onder de titel Moeder, waarom leren wij? brengt TOL sprekers uit het ruime werkveld samen rond deze stoornissen.

>> Reserveer alvast 17 oktober 2017 in je agenda voor het volgende TOL-congres.

Reacties

Lode Goukens

Boeiend. In 1988 hing in onze klas al een krantenknipsel aan het prikbord dat studeren maximaal 50 minuten kon. Zou onze arbeidsmoraal ons parten spelen? Angst voor afleiding bij pauzes?

Reactie toevoegen