Laat van je horen

Geef je mening over de artikels in Weliswaar op ons forum.  

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites

Over zelfdoding praten op het net is cool

Het Centrum voor Preventie van Zelfdoding stelde onlangs de resultaten voor van het project 'Preventie 2.0' dat onderzocht hoe zelfmoordpreventie kan gevoerd worden via het interactieve internet. Jan De Coster, projectleider: "Jongeren vormen een belangrijke risicogroep voor zelfdoding. Online praten ze over hun zelfdodingsgedachten; via email en chat, op online ontmoetingssites of blogs. Bij jongeren die al kwetsbaar zijn, kan berichtgeving over zelfdoding imitatiegedrag in de hand werken. Web 2.0 biedt nieuwe kansen om jonge potentiële suïcidepogers te bereiken zonder dat ze zelf actief op zoek moeten gaan naar hulp. Hoe sneller we ingrijpen, hoe makkelijker het is om verdere hulp te zoeken. De juiste hulp kan ervoor zorgen dat iemand zijn zelfdoding uitstelt of zelfs van zijn plannen afziet."

Het CPZ ging voor dit project in zee met de community site Netlog. Die samenwerking kwam er naar aanleiding van enkele concrete vragen van de moderatoren van Netlog over gepaste reacties op berichten over zelfdoding op hun netwerk. Jongeren, een belangrijke riscicogroep voor zelfdoding, zijn zeer sterk vertegenwoordigd op het netwerk van Netlog.

Enkele resultaten

1. 1 op 5 mensen die op het net zoekt naar informatie over zelfdoding is op zoek naar methodes om zelfdoding te plegen.
 In het kader van ‘Preventie 2.0' heeft het CPZ Google Adwords ingezet. Dit wil  zeggen dat mensen die informatie over zelfdoding zoeken een advertentie van de  Zelfmoordlijn te zien krijgen. Het is opvallend dat slechts een minderheid (4%)  expliciet op zoek gaat naar hulp op het net. In de eerste plaats zoekt men algemene  informatie over zelfdoding (72%). Velen zoeken zelfs manieren waarop ze zelfdoding  kunnen plegen (20%).
2. Het is ‘cool' om over ‘zelfmoord' te praten.
 Per dag plaatsen 1000 mensen een inhoud op Netlog waarin ‘zelfdoding', ‘zelfmoord'  of het Engelse ‘suicide' voorkomen (profielen, foto's, events, video's).
 Of moderatoren hierop reageren hangt af van een loutere subjectieve inschatting.  Veelal blijven shockerende beelden ongemoeid, omdat ze te laat worden opgemerkt of  omdat ze niet ernstig worden genomen.
3. Jongeren willen op Web 2.0 anderen die aan zelfdoding denken helpen.
 De Coster: "Het is een misverstand om te denken dat jongeren doorgaans ‘negatief'  reageren op uitingen over zelfdodingsgedrag. Ze weten alleen niet hoe ze moeten  reageren. In de toekomst zullen we de omgeving duidelijk moeten informeren over hoe  ze kan omgaan met de signalen die ze krijgt."
4. De Zelfmoordlijn is op een zachte manier aanwezig op Web 2.0: www.netlog.be/zelfmoordlijn 
Mensen kunnen er berichten posten op het Guestbook, ‘vriend' worden van de Zelfmoordlijn, flyers toevoegen aan hun profielpagina enzovoort.
5. Jongeren zoeken online vooral hulp bij leeftijdsgenoten.
 Een online hulplijn moet gratis, anoniem en vertrouwelijk zijn. Tegelijkertijd moet  men het gevoel hebben dat de persoon met wie men spreekt kennis van zake heeft. Of  die nu een hulpverlener is of iemand die dezelfde problemen heeft.

Toekomst 

In de toekomst wil het CPZ het project ‘Preventie 2.0' verder uitbouwen. We willen nauwer samenwerken met Netlog en een vormingsaanbod ontwikkelen voor internetmoderatoren. Daarnaast gaat het CPZ meer actief aan zelfdodingspreventie op community sites doen door het aanbieden van zelfhulp en ondersteuning op communities.

Sms ‘steun' naar 6630 en help de Zelfmoordlijn. Het CPZ wil 50.000 euro vergaren om de werking van de Zelfmoordlijn te versterken (www.steundezelfmoordlijn.be).

Zelfmoordlijn: (gratis) 02/649 95 55 en www.zelfmoordlijn.be 
Kandidaat-vrijwilligers: 02/ 649 62 05 of vrijwilligers@preventiezelfdoding.be
Steun de Zelfmoordlijn: www.steundezelfmoordlijn.be

 

Geschreven door Liesbeth Van Braeckel op 09/12/09 in de categorieën Preventie en Geestelijke gezondheid

Reageer

(*)

(*) wordt niet getoond