Interlandelijke adoptie: in het belang van het kind, niet van de ouders
Vandaag heeft de Staten-Generaal Adoptie in Brussel de resultaten gepresenteerd van haar werkgroepen. Experten uit binnen- en buitenland, mensen uit het werkveld en ervaringsdeskundigen bediscussieerden in deze werkgroepen het huidige adoptiebeleid. De Staten-Generaal zal uitmonden in een adoptiedecreet dat begin 2012 van kracht wordt. "Uit de rapportage van de verschillende werkgroepen, begrijp ik dat het beleidswerk om van adoptie in Vlaanderen een volwaardige professionele zorgvorm te maken nog niet halfweg is," aldus de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. De Staten-Generaal Adoptie werd voor het eerst in de geschiedenis bijeengeroepen. Die leverde een omgevingsanalyse op en een analyse van sterktes, zwaktes, opportuniteiten en bedreigingen. De volgende stap zijn nu beleidsinitiatieven voor interlandelijke adoptie, de vertaalslag van de aanbevelingen uit de werkgroepen in beleid.
Adoptie: oplossing voor de kinderen, niet voor de ouders
In aanloop naar de Staten-Generaal Adoptie stelde de Vlaamse Centrale Autoriteit voor adoptie gisteren de eerste cijfers ter beschikking van het aantal gerealiseerde adopties in 2009. In de periode 2006 tot 2009 verkregen 1 421 kandidaten een geschiktheidsvonnis. In dezelfde periode werden 794 kinderen toegewezen. 66% van de ouders met een geschiktheidsvonnis hebben een kind toegewezen gekregen. Dit percentage ligt lager, doordat een deel van deze kinderen nog is toegewezen aan ouders die voor 2006 een geschiktheidsvonnis hadden. In 2009 zijn er 592 gezinnen die zich aanmelden, terwijl er in dat jaar 209 (wat een stijging is) kinderen worden toegewezen. Dit is ongeveer de reële ratio voor adoptie in Vlaanderen.
"Ik meen dat hier maar één conclusie kan zijn en dat is dat we zoeken naar een systeem om het aantal aanvragen én het aantal gerealiseerde adopties op elkaar af te stemmen. Bij de aanvang van de Staten-Generaal heb ik daarover al heel duidelijk gezegd dat adoptie gaat over het zoeken van een oplossing voor kinderen en niet over het zoeken van kinderen voor ouders. Ik ben zeer blij dat alle werkgroepen dit standpunt onderschrijven. Ik meen dan ook dat de vereniging www.geadopteerd.be terecht vraagt dat we zeer zorgzaam met adoptie omgaan en terecht ook stelt dat we ons zeer bewust moeten zijn van de impliciete emotionele breuk die adoptie installeert", aldus de minister.
Naar aanleiding van de cijfers uit het activiteitenverslag van VCA benadrukt de minister ook het grote belang van de principes van het Haags Verdrag en pleit hij voor Europese, internationale afspraken om adoptie te laten wat het in se is: een oplossing voor een kind in nood. Vlaanderen realiseerde in 2009 85% van haar adopties met herkomstlanden die het Haags Verdrag niet ratificeerden. Deze schrijnende trend is niet specifiek Vlaams.
"Voor mij is de grootste uitdaging, zowel voor Vlaanderen als voor de hele internationale adoptiegemeenschap, dat we samen een heldere positie innemen tegenover die landen die het Haags Verdrag niet ratificeren. Ik wil hier tot zeer duidelijke standpunten komen, die met de federale overheid gedeeld worden.
Wanneer we daar niet in lukken, stopt de facto het adoptieverhaal. De VCA bepleit ten aanzien van deze landen procedures die de principes en de geest van het Haags verdrag nastreven. Als alle landen dit doen, zal dit de herkomstlanden er veel sterker toe aanzetten het Haagse Verdrag te ratificeren en transparante procedures te gebruiken", nog volgens de minister.
Kazachstan en Ethiopië: te grote afhankelijkheid
Er is op dat vlak vooruitgang. Kazachstan startte onlangs de ratificatieprocedure van het Haagse Verdrag en verwacht wordt dat zij binnen afzienbare tijd een nieuwe adoptiewet aannemen. Ethiopië overweegt ook een ratificering. Maar de beperkte spreiding van onze gerealiseerde adopties, legt nog een ander probleem bloot: de grote afhankelijkheid voor adopties van twee landen: Kazachstan en Ethiopië maken samen bijna 80% uit van de gerealiseerde adopties. De minister wenst een grotere spreiding: "We zullen zeer kritisch nagaan hoe we elk kanaal controleren. Dat veronderstelt een andere manier van samenwerken tussen VCA, de federale autoriteit en de adoptiediensten. Dit zal ook betekenen dat we op een andere manier met zelfstandige adopties zullen omgaan. Ik verwacht een kritische analyse van de tijdsbesteding voor deze kanaalonderzoeken en een verbetering ervan."
Het nieuwe federale regeerakkoord moet volgens de minister adoptie de samenwerking van de federale overheid (justitie) met de gemeenschappen regelen en de taken afbakenen. De werkgroepen van de Staten-Generaal hebben zich in al deze thematieken verdiept en de resultaten moeten leiden tot een vernieuwd adoptiebeleid. "We gaan de resultaten van deze Staten-Generaal niet laten koud worden," aldus nog de minister: "Ik zal voor het zomerreces de beleidsconclusies voorleggen aan de Vlaamse Regering." In oktober 2010 volgt een definitief overzicht met beleidsaanbevelingen en een plan van aanpak Het nieuwe decreet treedt in werking begin 2012.
Geschreven door Liesbeth Van Braeckel op 27/05/10 in de categorieën Beleid en Gezin