Een witte neushoorn in de kamer: 'Blauwe pillen', een strip over leven met HIV
Negen jaar geleden schreef de Zwitserse auteur Frederik Peeters 'Pilules bleues', een beeldroman over zijn prille relatie met Cati, die net als haar zoontje seropositief was. Eindelijk is dit ontroerende en tegelijk relativerende liefdesverhaal nu ook vertaald naar het Nederlands. Helaas is het thema alleen maar actueler geworden. Vooral voor de groeiende groep homoseksuele mannen die samenleven met een seropositieve partner.
Frederik Peeters ziet er jonger uit dan het tobberige hoofdpersonage in zijn autobiografische boek. Toch dateren de gebeurtenissen die hij in Blauwe pillen beschrijft al van tien jaar geleden. Vijfentwintig was hij toen hij een schijnbaar alledaags liefdesverhaal in Genève beleefde. Tot de vrouw vertelt dat zij en haar zoontje seropositief zijn.
"Ik was met een fantastisch meisje dat me erg beviel. Toen ze het me vertelde, was ik minutenlang sprakeloos. Misschien stond me nu een catastrofe te wachten, maar misschien riskeerde ik ook de mooiste liefdesgeschiedenis ooit te vergooien? Vrij snel zag ik in dat er geen keuze was. Mijn relatie met Cati is het mooiste wat me in het leven overkomen is. Er was geen sprake van haar los te laten."
In zijn succesvolle en meermaals vertaalde graphic novel verbeeldt Peeters op een aandoenlijke en soms humoristische wijze hoe ze langzaam leren leven met het HIV-virus. Als een condoom tijdens het vrijen scheurt, haasten ze zich de volgende dag in paniek naar de dokter. Die sust hen met de bewering dat de kans dat hij besmet is met HIV even groot is als de kans dat straks op straat een witte neushoorn zijn pad zal kruisen. Een paar plaatjes verder duikt de neushoorn effectief op als metafoor voor de besmettingsangst.
Wat is het geheim van het succes van dit boek?
Frederik Peeters: "Die vraag heb ik me eigenlijk nog niet gesteld. Ik denk dat het een veelheid van zaken is. Natuurlijk speelt het thema HIV en Aids mee. Dat doet het boek niet verkopen, maar het is alvast iets wat journalisten opmerken. Daarnaast denk ik dat de spontaneïteit en de frisheid wel aanslaat. Het is ook een liefdesverhaal. Dat doet het altijd."
Blauwe pillen begint met moeilijk te definiëren abstracte krabbels. Symboliseren ze de drempelvrees van de auteur?
Peeters: "Dit boek is geïmproviseerd. Er was geen voorafgaand scenario. Er kwamen ook geen correcties aan te pas. Ik legde mezelf op drie uren per dag te tekenen. Soms lukte het, soms niet. Die abstracte tekeningen bij het begin hoorden erbij om de motor te doen aanslaan, zoals bij een oude auto. Als opwarming zeg maar."
Moeten we het zien als een soort dagboek?
Peeters: "Nee, het was veeleer een zelfreinigende oefening. Door te tekenen wilde ik iets van me af schudden. Ik had mezelf opgelegd iets eenvoudigs te maken. Ik wilde het verhaal gewoon de vrije loop laten. Het was een beetje naïef, maar tegelijk had het iets magisch. Ik denk niet dat het me zou lukken om het over te doen. Ik dacht dat we hooguit 500 exemplaren zouden verkopen."
Hebben de uitgevers nooit voorgesteld om een informatief aanhangsel toe te voegen over HIV?
Peeters: "Nee, maar dat is inderdaad het probleem met deze vertaling, tien jaar na het verschijnen van het boek. Het medische aspect is wat verouderd. De behandeling, de vraag hoe lang je nog te leven hebt, de testen. Dat is nu allemaal anders. Als een HIV-patiënt vandaag gezond leeft en trouw is aan zijn therapie, dan is er nauwelijks nog besmettingsgevaar."
Maar de behandeling heeft wel nog veel ongewenste bijwerkingen, niet?
Peeters: "Dat hangt van persoon tot persoon af, maar in ons geval zijn er nauwelijks bijwerkingen. Het klinkt misschien vreemd, maar vandaag valt er best mee te leven. Ik weet dat dit niet voor iedereen zo is, maar voor Cati en de jongen valt het gelukkig mee. De problemen zijn psychologisch: je bent veroordeeld de rest van je leven met het virus te leven."
Het sociale stigma dat aan HIV en Aids kleeft, komt in uw boek niet ter sprake...
Peeters: "Veel andere mensen zullen daar mee af te rekenen hebben, maar wij hebben er ondanks onze openheid nooit mee te maken gehad."
Een mooie scène is die waarin Cati uw haar knipt en ondertussen aandringt om aan uw moeder te vertellen dat ze HIV-patiënte is. U was daar niet happig op, maar hoe is het eigenlijk afgelopen?
Peeters: "Over haar reactie vertel ik in het boek inderdaad niet, maar ze was goed. Mijn ouders hebben vertrouwen in mij en ze gaan ervan uit dat ik me verantwoordelijk gedraag. Ik heb dat niet verwerkt in Blauwe pillen, omdat het boek niet gaat over hoe mensen reageerden. Ik wilde mijn liefdesverhaal vertellen, met de complicatie van de HIV-besmetting. Ik voer ook de vader van Cati's kind niet op en haar ouders al evenmin. Ik vind niet dat ik zomaar het recht heb om dat zonder hun toestemming te doen. Je weet ook nooit welke repercussies dat heeft voor hun leven."

De huisarts kreeg wel een belangrijke rol in uw boek...
Peeters: "Logisch, want hij speelde ook in mijn leven een belangrijke rol. Wij hadden echt het geluk een dokter te treffen die goed geïnformeerd was over HIV, wat niet altijd het geval is. Maar ja, incompetente mensen vind je in alle beroepsgroepen, ook onder journalisten en striptekenaars (lacht). De dokter was ook de man die het beeld gebruikte van de neushoorn om het geringe risico op besmetting te illustreren. Dat is dus geen vondst van mij. Alle sterke details in dit verhaal, te beginnen bij de neushoorn, zijn me aangereikt."
Was het mogelijk om de liefde te bedrijven zonder dat de neushoorn ergens in een hoek van de slaapkamer opdoemde?
Peeters: "Als ik eerlijk moet zijn, in het begin was dat moeilijk. Maar al vroeg verdween de neushoorn uit de slaapkamer. Als je vrijt met de persoon van wie je echt houdt, dan vergeet je dat. Tenminste, als je goed geïnformeerd bent over wat veilig is. Ik heb mijn vertrouwen gesteld in het discours van onze dokter. En ik had gelijk om dat te doen, zo is gebleken."
U laat ook een mammoet opdraven waarmee u een filosofische dialoog aangaat over medelijden en woede. Waarom is medelijden zo negatief?
Peeters: "Omdat het een slechte basis is voor een liefdesrelatie. Medelijden is eng. Je ontfermt je niet over je geliefde zoals je doet bij een hulpeloos, verdwaald hondje. Je zorgt voor het hondje omdat het zo kwetsbaar is, maar dat is geen liefde. In het begin wilde ik zeker zijn dat ik me in mijn relatie niet door dat soort gevoelens liet leiden. We hebben er vaak over gepraat. Cati had schrik voor een relatie die vooral op bezorgde gevoelens zou drijven. Maar na een tijd was het duidelijk dat we gewoon twee evenwaardige partners waren. Je moet er tegen vechten, want anders heb je de neiging de hele dag in je bed te blijven treuren om je lot. Maar dat leidt nergens toe."
Nadat Cati u verteld had dat ze het virus droeg, voelde u de drang te handelen. Ook al kon u niets zinvol ondernemen.
Peeters: "Klopt. Dat heeft wellicht ook te maken met mijn vorige liefdesaffaires. Daarin was mijn rol altijd een beetje flou. Nu kreeg ik eindelijk de kans om te handelen als een man, om verantwoordelijkheid te nemen. Ik voelde me daar goed bij, het gaf me bevestiging. Je gedrag is dus ook altijd voor een deel het resultaat van voorafgaande ervaringen."
Een van de ontroerendste scènes is die waarin het zoontje van Cati de behandeling moet beginnen, terwijl dat bij haar nog niet aan de orde was. Ze houdt er een serieus schuldgevoel aan over. Heeft de jongen het boek ondertussen al gelezen?
Peeters: "Weet je wat hij zei toen hij het boek twee jaar geleden had gelezen? ‘Je moet een tweede boek maken over mijn leven!' (lacht). Hij is nu dertien en stelt het goed. Hij heeft geen last van secundaire effecten en er zijn geen medische problemen, dus we hebben geluk. De voornaamste problemen zijn psychologisch. Dat hangt samen met het beeld dat de samenleving heeft van de ziekte. De vraag wie je in vertrouwen mag nemen en wie niet, blijft daardoor bestaan."
Krijgt u persoonlijke reacties van lezers?
Peeters: "Nee. Het boek is ook nergens voyeuristisch of confronterend, de zaken worden gerelativeerd en met een zekere schroom benaderd. Door die afstandelijkheid vermoed ik dat de lezers wellicht ook zelf een zekere afstand in acht nemen tegenover mij."
Wat betekent dit boek voor u?
Peeters: "Het is het boek waarmee ik als auteur geassocieerd word. Met dit boek ben ik als stripauteur een nieuwe weg ingeslagen. Elk boek dat ik daarna heb gemaakt, is op dezelfde geïmproviseerde manier tot stand gekomen. Ik heb ontdekt dat dit voor mij de beste methode is. Bij het begin weet ik niet waar ik zal landen, maar aan het slot kan ik de losse eindjes weer mooi aan elkaar knopen. Dat komt ook omdat die boeken mijn leven zijn. Ik ben er elke dag mee bezig. Ik heb dan ook niets anders te doen (lacht)."
> Frederik Peeters, Blauwe Pillen, uitgeverij Sherpa, 2010, 190 blz. | € 19,95 | ISBN 9789089880147
> Reacties welkom op www.weliswaar.be/forum
Geschreven door Eric Bracke | Illustratie's en zelfportret Frederik Peeters op 10/08/10 in de categorieën Weliswaar, Uitgelezen, Preventie, Gezondheidszorg en Cultuur